|
Om de molenkap naar de wind toe
te draaien is er aan de staartbalk een kruirad gemaakt. Dit kruirad zit
aan een stalen buis "De Monnik" genoemd, welke middels een gat in de
staartbalk gestoken. Aan de monnik is een lange ketting bevestigd. Door
deze ketting steeds te verleggen en aan het kruirad te draaien kan men
de molenkap naar de wind toe zetten.
Als de molen goed op de wind staat wordt de ketting
weer gespannen en ook de bezetketting word vastgezet. De bezetketting
(op de 1e foto zit deze aan de klamp vast welke op de staartbalk is
gemonteerd) dient ervoor dat de molenkap tijdens het draaien op zijn
plaats blijft staan. Op de
tweede foto is duidelijk de kruiketting te zien. Deze ligt altijd lang
uit om in geval van een plotseling ruimende wind snel erachteraan te
kunnen kruien.
  |